Permacultuur

Inleiding.
Permacultuur is een vertaling van het Australische woord „permaculture‟. Permaculture is een samengesteld begrip van Permanent Agriculture en Permanent Culture. Het doel van permacultuur is een samenwerking tussen de mens en haar omliggende natuur, gericht op een lange termijn overleving van beide. Met permacultuur ontwerp je een functioneel systeem om de mens heen met de sterkte en veerkracht van een natuurlijk ecosysteem. Permacultuur is ontwerpen met de natuur.

Wat is permacultuur?
Permacultuur is een bundeling kennis om een functioneel ecosysteem om mensen heen te ontwerpen. Permacultuur beschouwt de mens hierbij als onderdeel van het ecosysteem en niet als iets wat ernaast of erboven staat. Deze ontwerpen kunnen gericht zijn op voedselvoorziening, waterzuivering, bosbrandwering, etc. Een permacultuursysteem kan zich ook op meerdere functies tegelijk richten. De mens dient een keuze te maken wat het ecosysteem wat hij of zij wil ontwerpen voor functie dient te hebben. Aan de hand van dat doel kan begonnen worden met het ontwerpen van een goed systeem.

De achtergrond van permacultuur.
Permacultuur is in de jaren 1970 omschreven door Bill Mollison en David Holmgren aan de universiteit van Tasmanië. Deze Australische biologen hebben onderzoek gedaan naar de werking van ecosystemen in de bossen van Tasmanië. Aan de hand van deze principes wilden ze kijken of mensen zelf in staat zijn een ecosysteem te ontwerpen met een functie voor de mens, maar waar ook de natuur zo veel mogelijk voordeel bij heeft. Dit deden ze gedeeltelijk als reactie op de huidige landbouw die verschillende problemen kent.
Het grootste probleem van de huidige landbouw is het enorme verbruik van fossiele brandstoffen zoals olie en aardgas. Voor elke calorie output aan voedsel die er geproduceerd wordt zijn er 10 tot 100 caloriën aan fossiele brandstof aan input nodig. Met het schaarser en daarmee duurder worden van fossiele brandstoffen is dit landbouwsysteem daarom op de langere termijn niet houdbaar.
Maar er zijn meer problemen. Monocultuursystemen zijn uitermate gevoelig voor ziektes door het grote gebrek aan natuurlijke diversiteit in het systeem. Dit probleem heeft zich in Nederland zowel in gewassen als in de veestapels de afgelopen jaren vaak laten zien met preventieve massavernietinging van miljoenen kippen, varkens, geiten, etc. tot gevolg. In Australië namen daarnaast verwoestijning en bodemerosie schrikbarende vormen aan. En als laatste zijn problemen, zoals kunstmest dat het grondwater vervuilt en het gebruik van te veel bestrijdingsmiddelen met bijensterfte tot gevolg, wereldwijd een groot probleem.
Permacultuur heeft met succes oplossingen gezocht voor deze problemen. Met de technieken van permacultuur zijn inmiddels over de hele wereld ecosystemen opnieuw opgebouwd. Er zijn oplossingen gekomen voor oerwoudverbranding wat veel voorkomt bij landbouw in de derde wereld. Daarnaast zijn stukken woestijn teruggevormd tot bruikbare productieve stukken grond door slim de ecologische principes die aan permacultuur ten grondslag liggen toe te passen.

Hoe werkt het?
Je zou kunnen zeggen dat alle levende organismen één basisdoel hebben hier op aarde, dat doel is voortbestaan. Elk levend organisme, van pissebed tot zebra tot mens, probeert zo goed mogelijk voort te bestaan. Permacultuur is op een langdurige overleving van mens en natuur gericht door ze zo efficiënt mogelijk te laten samenwerken. Voor ons voortbestaan zijn wij afhankelijk van vele organismen en planten zijn daar een belangrijke groep van. Het is daarom interessant om te bekijken wat planten nodig hebben om goed te groeien.
Planten hebben aan de basis maar 4 dingen nodig; water, voedingstoffen, koolstofdioxide en zonlicht/warmte. Een aantal van deze basisbenodigdheden staan onder invloed van de zogenaamde ecologische hoofdfactoren.

3 Ecologische hoofdfactoren.
Zoals al eerder vermeld is, is permacultuur een ontwerpsysteem om functionele ecosystemen mee te maken. Om een ecosysteem te kunnen bouwen is het van belang de belangrijkste bouwstenen ervan te kennen. Wat zijn de ecologische hoofdfactoren die het leven hier op aarde voor het grootste deel bepalen? Laten we hiervoor eens even flink uitzoomen, uit onze woning, uit de gemeente, uit de provincie, het land, het continent, zelfs nog buiten onze aarde. Wat zien we dan?

De zon.
De zon is de energievoorziening van ons zonnestelsel. Onze aarde draait in 365,25 dagen om deze “energiefabriek” heen. Daarnaast draait de aarde elke 24 uur om haar eigen as heen. Deze twee cycli zorgen voor de verschillende seizoenen en het verschil tussen dag en nacht. Planten die op aarde geëvolueerd zijn hebben dat gedaan mede gebaseerd op deze twee cycli.
De zon is de bron van bijna al het leven op aarde. Ze zorgt voor de energie die planten (producenten) nodig hebben om te groeien. Planten vormen met behulp van zonlicht en warmte, organisch materiaal uit water en koolstofdioxide. Dit proces wordt ook wel fotosynthese genoemd.
De zon is hiermee de eerste ecologische hoofdfactor, daarnaast veroorzaakt zij de andere twee hoofdfactoren: de watercyclus wat de beschikbaarheid van zoet water mogelijk maakt en de windstromen die we op aarde kennen.

Zoet water.
Bijna alle landplanten en dieren zijn direct afhankelijk van de beschikking over zoet water. Het oppervlak van onze planeet bestaat voor het grootste gedeelte uit het voor planten onbruikbare zout water. Door de warmte van de zon verdampt dit zoute water waarbij het zout achterblijft. Het verdampte water stijgt op en condenseert in de hogere koude lagen van de atmosfeer waardoor zich wolken vormen. Uit deze wolken valt regen op het vaste landoppervlak waardoor we zoet water hebben op het land.
Dit zoete water staat aan de bron van alles wat groeit en bloeit op onze landoppervlaktes. De beschikbaarheid van zoet water is de tweede ecologische hoofdfactor.
(afbeelding van de watercyclus, bron: wikipedia.nl)

Wind.
De wind kan een grote invloed hebben op de groei van planten en is dan ook de derde ecologische hoofdfactor. In Nederland brengt de wind uit verschillende richtingen verschillende warme of koude luchtstromen met zich mee. De noordenwind is vaak aanzienlijk kouder dan de zuidenwind. Door te kiezen voor een bepaald ontwerp kan je de koude wind uit je systeem houden. Om dit goed te doen kun je de volgende vragen stellen: Wat is de overheersende windrichting? Waar komt de koudste wind vandaan en waar de warmste? Welke wind is het sterkst? Welke planten kan ik waar neerzetten in mijn systeem om de wind letterlijk om de tuin te leiden?

De 3 hoofdfactoren samen.
De combinatie van deze 3 ecologische hoofdfactoren staat aan de basis van de groei van planten. Het belang van elke hoofdfactor verschilt per gebied. In Afrika is de zon in overvloed aanwezig en is zoet water vaak de beperking om een goed werkend ecosysteem te krijgen. In Nederland hebben we meestal meer dan genoeg water en is de zon juist de beperkende factor. Hierom zal een permacultuurontwerp in Afrika vooral op wateropvang gericht zijn. In Nederland zal het ontwerp juist gericht zijn op een zo groot mogelijke opvang van de zon. De wind is vaak een factor die op lokaal gebied een belangrijke rol speelt, in een windstil gebied hoef je er weinig rekening mee te houden en in een gebied waar veel wind is zijn ontwerpen om wind om te leiden van het grootste belang. Het is dan ook van groot belang je eerst af te vragen op welke van deze drie hoofdfactoren je het permacultuurontwerp vooral richt.
Het combineren van de 3 ecologische hoofdfactoren.
Met 1 hoofdfactor als belangrijkste en de twee andere in je achterhoofd kun je beginnen met een ontwerp wat alle 3 de factoren combineert. Hier eerst een paar voorbeeld ontwerpen om een inzicht te krijgen in de verschillende mogelijkheden.
De zonnecirkel.
In deze tekening zie je het bovenaanzicht van een zogenaamde zonnecirkel.
De zonnecirkel is een typisch ontwerp voor een plaats waar de zon de beperkende factor is. Hier staan vijf grote fruitbomen in een halve cirkel gericht op het zuiden. Op deze manier vangen ze zo veel mogelijk zon op zonder met elkaar te concurreren om zonlicht. Daarnaast staan er op de zuidkant tussen de bomen 4 bessen struiken. Aan de noordkant staan nog 8 andere fruitstruiken. Dit zorgt voor een goede dichte zonnecirkel terwijl ze allemaal behoorlijk veel zon opvangen. Verder zorgt het water in het midden voor extra licht voor de planten in de cirkel door de reflectie van de zon op het water. Dit weerkaatste licht wordt namelijk recht naar de bomen toe gereflecteerd. Daarbovenop zorgt de vijver voor water en dient het als woonplaats voor kikkers en salamanders die verschillende insecten populaties onder controle houden. Bij mooi weer is, door de beschutting van de bomen, de waterplaats ook ideaal voor mensen om in te zwemmen. En dat is de essentie van permacultuur; voordeel voor de natuur en de mens simpelweg door een slim ontwerp.

De winddichte zonnecirkel met fruit.
In plaats van water in het midden is er in dit ontwerp gekozen voor vruchtbare grond. Verder is het ontwerp er meer op gericht om de koudere winden uit het noorden en oosten buiten de deur te houden. Daarnaast wordt ook de westenwind in dit ontwerp redelijk buiten de deur gehouden. Doordat de zon optimaal wordt opgevangen en de wind om je systeem wordt geleid, creëer je in het midden een windstille plaats waar de zon volop staat te schijnen. Dit microklimaat is extra warm en erg gunstig voor planten die dit nodig hebben. Deze plaats is ideaal voor planten die van veel zon houden zoals, pompoenen, komkommers, tomaten etc.
Uiteraard kun je de cirkel ook omdraaien om zo een schaduwrijk midden te krijgen. In Spanje en Afrika zul je dus eerder voor een omgekeerde zonnecirkel kiezen. Verder kun je door het plaatsen van een goed windscherm om je eigen huis behoorlijk wat energie besparen. Dit komt omdat de wind minder warmte afvoert en je dus minder snel de kachel weer hoeft aan te doen. Als je zo`n scherm dan ook nog eens van walnoten, tamme kastanjes en hazelnoten maakt kun je in de herfst lekker van de oogst van je windscherm genieten. Wederom een situatie waar het mes aan beide kanten snijdt door een slim systeem.

Wateropslag ontwerp.
Dit laatste voorbeeld richt zich op een zo efficiënt mogelijk gebruik van water. Als eerste zitten er bochten in de rivier. Zo`n bochtige rivier/watergoot wordt in de permacultuur ook wel swale genoemd. Door deze swales stroomt water minder snel en kan er meer water de bodem in trekken. (Swales worden op heuvels op dezelfde hoogtelijn gegraven zodat het afstromende water van de berg wordt opgevangen en de bodem ingaat. Zonder swales stroomt water van heuvels vaak snel af en door de snelheid wil er ook nog wel eens behoorlijk wat land meestromen.)
Verder staan in dit ontwerp de bomen tussen de zon en de rivier in. Hierdoor zorgen ze dat het water van zonsopkomst tot -ondergang van schaduw is voorzien. Hierdoor verdampt er een stuk minder water. Er zouden ook nog struiken rondom de waterstroom kunnen worden gezet zodat de wind minder invloed krijgt en er nog minder water verdampt. Dit ontwerp wordt veel in landen gebruikt waar water de beperkende factor is.
Op de afbeelding kun je zien hoe mensen dit ontwerp in de praktijk aanleggen in Afrika. Het zo efficiënt mogelijk benutten van het water wordt in de permacultuur ook wel water harvesting genoemd.

Overige voorbeelden.
Voor meer ideeën kun je de in het begin van deze cursus aangeraden literatuur raadplegen. Ook staan er op http://www.permacultuurnederland.org bij het kopje voorbeelden & verdieping inspirerende voorbeelden gemaakt door Nederlandse permacultuur actievelingen.

Uitleiding
In dit hoofdstuk is kennis gemaakt met het belangrijkste principe van permacultuur namelijk het basisontwerp van het verdere permacultuur systeem. Hier leg je de grote lijnen vast hoe het systeem ingedeeld gaat worden. Vervolgens is het van belang dat je het ontwerp gaat invullen met planten. De rol en het belang van planten zal in het volgendehoofdstuk worden besproken.
Bron
Schriftelijke cursus: Permacultuur, ontwerpen met de natuur. Volledige cursus te dowlouden op:  http://www.permacultuurnederland.org